11 januari 2008 - tweede week Suriname
Vandaag zijn we met de veerboot naar de voormalige plantage Laarwijk gevaren vanuit Domburg. Een veerboot is een houten korjaal met een buitenboordmotor, een lange smalle puntige boot. Er kunnen ook scooters en fietsen mee aan boord.
Op Laarwijk kwamen we in gesprek met een van de boeren, Sahid. Zijn vrouw en kinderen waren bij zijn schoonzusje om te koken voor de familie die vanuit Nederland vandaag zou arriveren. Hij had alle tijd om voor ons twee kokosnoten uit de boom te stoten en af te snijden zodat we heerlijke verse kokossap konden drinken. Ook hebben we bij hem mandarijnen en twee rijpe (bruine) kokosnoten gekocht, die hij ter plekke uit de boom plukte. Sahid heeft een hectare grond en vertelde trots dat ze nu elektriciteit aan het aanleggen zijn. Tot nu toe draait zijn tv en koelkast op een generator, maar straks komt de stroom via een kabeltje zo zijn huis in. De palen staan er al. Een waterleiding hebben ze niet. Ze sparen het regenwater uit de regentijden en drinken daar het hele jaar van. In de droge tijd gebruiken ze het rivierwater voor alle andere zaken. Hij werkt samen met zijn vrouw op het land en handelaren op scooters komen hun vruchten van zijn erf ophalen om op de markt te verkopen. Beladen met een tros bananen en ander fruit zijn we weer teruggevaren naar Domburg. De bananen hangen nu onder een doek op het voordek, op die manier eten vleermuizen en vogels ze niet op.
Gisteren heeft het voor het eerst een hele dag niet geregend sinds we hier zijn. We hebben meteen alle kussens laten luchten, want het wordt snel vochtig in de boot. Het is de korte regentijd en die loopt tot ongeveer eind januari. We vangen via onze bimini (zonnetent) het regenwater op en daar kunnen we heerlijk van douchen. Als onze watertanks leeg raken, dan gaan we die ook met regenwater vullen.
Vorige week zijn we van Paramaribo naar Domburg gevaren. Dit ligt 10 mijl rivieropwaarts. We waren dit al van plan, maar hebben het versneld uitgevoerd omdat we genoeg hadden van de ankerstress. Het heeft een paar dagen heel hard gewaaid. De stroming van de rivier is dominant voor de ankerrichting, dus je ligt de helft van de tijd richting de zee en de andere helft dus weer andersom. Als het hard waait bij stroom tegen wind, dan duwt de wind je over je anker heen. Om dit te verminderen, heb ik een drijfanker (grote stoffen kegel zonder punt) achter de boot gehangen. Dit gaf echter zo’n goede tegenkracht, dat ons anker over de grond ging krabben en we onze achterburen wel heel dichtbij kregen. Na een half uur braken echter de banden van het drijfanker en konden we het makkelijk binnenhalen. Zo’n ding is bedoeld voor heftige stormen, maar kon 3 knopen stroom niet eens aan. Gelukkig krijgen we geld terug van Dekker.
Zaterdag 3 januari hebben we alvast ons halfjarige huwelijk gevierd door met zijn tweeën te gaan eten bij Spice Quest. Herman en Edith hadden dit restaurant voor ons uitgezocht en geld gegeven bij ons afscheid in Nederland. Pas bij aankomst in Paramaribo mochten we de envelop openen en dit was een leuke verrassing. Ben van de ‘Feeks’ wilde gelukkig wel een avondje oppassen en zo kon het dat wij voor het eerst sinds een half jaar weer eens met zijn tweeën uit gingen. Het eten was verrukkelijk en de service heel erg goed. We hebben heel leuk met de Chinese eigenaar Patrick gesproken. Patrick is derde generatie Chinees in Suriname, terwijl zijn vrouw een ‘nieuwe Chinees’ is. We mochten wat in zijn gastenboek schrijven. Nu staan onze namen dus tussen die van onder andere Jeroen Krabbe, Balkende en Hirsch-Ballin.
Op aanrader van Patrick zijn we de volgende dag naar de Chinese markt geweest. In Suriname kan je in één land reizen van China, India, Indonesië tot Afrika. Alle groepen leven best harmonieus samen en mengen ook, maar houden wel hun eigen cultuur in stand.
Maandag 5 januari is Jan-Willem samen met Henk van de ‘Mi Dushi’ met de restant van ons hulproer bij twee constructiebedrijven langs geweest. Eentje lijkt het wel te kunnen, maar hier in Domburg blijkt een Nederlander bij de Nederlandse visfabriek te werken die dit al eens heeft gemaakt van RVS. We hebben hem gevraagd om dit ook voor ons te doen, maar het is nog niet helemaal duidelijk hoe lang dit gaat duren omdat hij het in zijn vrije tijd moet doen en ook nog een huis aan het bouwen is.
In Domburg is een groep Nederlanders waarvan de meesten zijn aan komen zeilen en langere tijd hier blijven hangen. Een stel, Ed en Sofia heeft zelfs een eiland van petflessen gemaakt naast hun boot om hun leefruimte uit te breiden met zo’n 80 m2. Aan het eind van de dag komen de meesten een djogo (grote fles Parbobier) drinken bij Rita, een eethuisje hier in het dorp.
Jan-Willem was met het PDP (Paramaribo-Domburg-Paramaribo) busje naar de stad gegaan en kwam ’s middags terug met onze huurauto. Een Mitsubishi jeep met 4-wiel aandrijving.
Dinsdag zijn we naar het westen gereden met de auto en hebben hier leuke dorpen gezien. Ook genoten van de airco! Woensdag zijn we via het vakantiepark Overbridge (zandstrand aan de rivier beschermd met netten tegen de piranha’s) naar Brownsberg gereden. Voorbij de aluminiumfabriek in Paranam hield de verharde weg op en zijn we over een rode bauxiet weg verder gereden. Onze auto was eerst wit, maar nu volledig overgespoten in oranje/rood. De weg was verschrikkelijk slecht en zonder 4-wiel aandrijving bijna niet te doen. Vooral het laatste stuk door het oerwoud de berg op. Onderweg zagen we marrondorpen, het leek wel Afrikaanse dorpen. Het oerwoud was overweldigend mooi. Schrijnend om te zien hoe dit wordt bedreigd door de houtkap ten bate van goud, bauxiet en hout. We gaan proberen om hier nog een paar dagen te logeren komende weken om er beter van te genieten.
Donderdag moesten we de auto ’s middags weer inleveren en zijn we ’s ochtends naar een vlinderkwekerij geweest. Dit bedrijf exporteert jaarlijks 100.000 poppen naar vlindertuinen wereldwijd, onder andere Artis. Simen kwam met name voor de rupsjes. Behalve vlinders kweken ze ook schildpadden en slangen voor dierenwinkels.
foto's
ga terug