27 april 2010 - aangekomen in Cuba
De havenmeester roepen we op via de marifoon. Er is gelukkig plaats in de marina. Snel daarna worden we door de douane opgeroepen dat die klaar staan. We hebben de boot nog nauwelijks vastgemaakt of er komt een dokter aan boord. In witte jas en met stethoscoop om zijn nek. 'Hebben we koorts, diarree?' Nee, dan zijn we allemaal gezond. Even twintig euro morgen in de kliniek betalen alsjeblieft.
En snel daarna staan er twee mannen van het ministerie van landbouw aan boord. Ik bied ze wat te drinken aan. Ze kijken moeilijk naar mijn pak appelsap. Ze hadden eigenlijk een koel biertje in gedachten. Ze halen de koelkast leeg en inspecteren ons groentenet. Met een loep bestuderen ze de uien en gemberwortel. Op die laatste blijken miniscule insecten te zitten. Niet schadelijk, maar vreemd voor Cuba. Ook onze eieren en bacon staan op de zwarte lijst. Eigenlijk moeten die in quarantaine, maar omdat we zo weinig hebben, mogen we ze houden. Of we ze wel even willen opeten voordat we in Havana zijn. En de resten moeten afgesloten bij het internationale afval. Ondertussen blijkt een man een grote interesse in mijn sudokopuzzelboek te hebben. Op Cuba moeilijk te krijgen, dus mag hij het van mij hebben. En nog een keer wordt benadrukt dat onze spullen éigenlijk in quarantaine moeten en of het duidelijk is dat ze ons matsen. Uiteraard moeten we wel voor de quarantaine betalen.
Daarna komt de douane aan boord samen met de PR man van de marina. En vervolgens de immigratie. We leren snel en dus bieden we ze koud bier aan. Eigenlijk best gezellig allemaal rond onze tafel binnen. We hadden gehoord dat de boot helemaal overhoop gehaald zou worden voor inspectie, maar deze man kijkt voor de vorm maar in twee kastjes. Daar komen we makkelijk vanaf.
Uiteindelijk acht biertjes en vele formulieren later zijn we door de mallemolen en kan onze gele Q (quarantaine) vlag naar beneden. De volgende dag moeten we nog wel een toer langs alle loketten maken voor betalingen. Ondertussen spelen de kinderen in de speeltuin van de marina. Deirdre kan niet genoeg krijgen van de glijbanen.
Cayo Largo is een toeristeneiland met alleen all-inclusive hotels. Alle Cubanen werken hier 20 dagen en gaan dan weer 10 dagen naar huis. We zijn hier alleen geland om in te klaren en willen nu onder de zuidkust naar het westen hoppen. Om de westelijke kaap staat een verraderlijke stroming. Die willen we het liefst met zo windstil mogelijk weer ronden, waarschijnlijk 's nachts als de landwind is gaan liggen.
Maar eerst gaan we de boot schoonmaken. Na ruim vijf maanden voor anker, hebben we nu weer eens een kraan naast de boot. Kleren wassen, kuip weer helemaal zoutvrij, wat een luxe!
ga terug